
Noodfonds voor burgers, instellingen en ondernemers in financiële problemen
MaatschappijWINTERSWIJK - De gemeente Winterswijk wil een ‘noodfonds bestaanszekerheid’ instellen voor inwoners, maatschappelijke organisaties en instellingen die in de problemen komen door de stijgende prijzen. Voorstel is een noodfonds in te stellen van 1,5 miljoen, vanuit de algemene reserve. Er kan vanaf 7 november een beroep worden gedaan op dit noodfonds.
Het noodfonds is aanvullend op de maatregelen vanuit het Rijk. Bedrijven en organisaties die in de problemen zitten kunnen ook aanspraak maken op hulp in de vorm van een renteloze lening. Ook wordt er voorgesteld aan de raad om de terugbetaling van de coronaleningen uit te stellen tot 1 januari 2024. In een gesprek met instellingen wordt de ondersteuning bepaald. De aard en hoogte van de ondersteuning wordt onder andere naar aanleiding van het maatschappelijk belang van de instelling om open te blijven bepaald.
Er kan vanaf 7 november een beroep worden gedaan op het noodfonds. De beoordeling van de aanvraag vindt plaats in de taskforce bestaanszekerheid. De informatie over deze leningen is in beginsel openbaar.
De inwoners die aanspraak maken op een bijdrage hoeven deze niet terug te betalen. De gemeente wil zo veel mogelijk financiële bijdrages rechtstreeks betalen aan de instantie waar de schulden zijn opgebouwd, om te voorkomen dat er misbruik gemaakt wordt van de regelingen. Als toets of iemand in aanmerking komt, wordt het signaleringssysteem gebruikt om schulden vroeg op te sporen ‘Vroeg erop af’. Hier worden schulden gemeld van energiemaatschappijen, zorgverzekeraars en woningbouwverenigingen.
Als er geen meldingen zijn, bijvoorbeeld omdat iemand zich meldt voordat er schulden ontstaan, dan wordt er op basis van bewijsstukken bepaald of iemand in aanmerking komt voor een bijdrage. Hierbij wordt ook altijd de afweging gemaakt van de ontstane schulden en het uitgave patroon. In sommige gevallen kan een budgetadvies voldoende zijn.
Het maximaal te verstrekken bedrag wordt bepaald in een persoonlijk gesprek met de inwoner.
Er zijn geen inkomensgrenzen. Wel wordt rekening gehouden met de bijdrage die mensen met een laag inkomen al hebben ontvangen op grond van de rijksmaatregelen. Ook wordt rekening gehouden met overige maatregelen van de overheid zoals de bijdrage van 190 euro per maand voor november en december en het prijsplafond dat vanaf januari 2023 wordt gehanteerd.
Inwoners die een bijdrage ontvangen worden actief doorverwezen naar het duurzaamheidsloket, bijvoorbeeld om ondersteuning te krijgen van een energiebespaarmaatje. Als er sprake is van problematische schulden, volgt een doorverwijzing naar de Stadsbank Oost Nederland.
De uitvoering ligt bij het sociaal team. Aanvullend op dit fonds stelt de gemeente voor om de inkomensgrens voor de landelijke energietoeslag van 1300 euro met ingang van januari 2023 te verhogen tot 150% van het minimumloon. De gemeente ontvangt hiervoor middelen in de Algemene Uitkering. Fijnder wordt verzocht tot aanpassing van de beleidsregels bijzondere bijstand op dit onderdeel.