Een bezoekster bekijkt tekeningen van de 19e-eeuwse kunstenaar Barend Cornelis Koekkoek. Foto: Sander Grootendorst
Een bezoekster bekijkt tekeningen van de 19e-eeuwse kunstenaar Barend Cornelis Koekkoek. Foto: Sander Grootendorst

Een jaar lang ‘bomen over bomen' in museum STAAL

Vordenaar Hassefras verrichte zaterdag de opening

ALMEN - Museum STAAL in Almen is toe aan zijn negende expositie. ‘De boom’ staat centraal. Levende bomen, dode bomen, geschilderde bomen en kunstobjecten die van bomen zijn gemaakt.

Door Sander Grootendorst 

Wat heeft de sassafras te maken met Udo Hassefras? Niets! Zei Vordenaar Hassefras zaterdagmiddag zelf bij de opening van de expositie Bomen over bomen. Het rijmt, maar daar houdt het verder mee op. Hassefras, gebiedsmanager Achterhoek bij Natuurmonumenten, heeft het in zijn werk dagelijks over bomen. Maar zelden over de sassafras. Die bijzondere boomsoort groeit in Almen niet op een terrein van Natuurmonumenten. 

Wat heeft de sassafras te maken met Stef Kreymborg? Veel! De Zutphense kunstenares leverde twee bijdragen aan de expositie en eentje daarvan bestaat geheel uit tot een nieuwe boomkruin gerangschikte sassafrasbladeren, een voor een aangebracht op een museumwand. 

“Ik vind het intrigerend om dingen uit de natuur te gebruiken”, zegt Kreymborg. “Opzienbarend dat de sassafras drie verschillende bladvormen heeft. In twee opeenvolgende herfsten heb ik op de groeiplaats bladeren gezocht. Om ze daarna te drogen en er een nieuwe samenstelling van te maken.” Haar tweede kunstwerk heeft Kreymborg vervaardigd van takjes van de doodsbeenderenboom, in Zutphen nabij de Walburgiskerk. In kunstzinnige vorm kleinschalig herrezen in het museum tegenover de Almense dorpskerk.

Wat heeft de sassafras te maken met museum STAAL? Het antwoord is al deels gegeven: veel! De sassafras is standaard aanwezig, afgebeeld in het kleed op de vloer van een van de museumruimtes. Kreymborg: “Het vloerkleed was even wennen vergeleken bij het wit van galeries waar mijn werk gewoonlijk te zien is. Maar het past hier wonderwel bij elkaar”.

Om in boomtaal te spreken: wonderwel organisch. Bomen kunnen eeuwenoud worden en zo komt het heel natuurlijk over dat de expositie tijdloos zowel het werk van de beroemde 19e-eeuwse schilder Barend Cornelis Koekkoek als dat van Kreymborg én door de Zutphense houtkunstenaar Marco Mout en de jongeren van zijn creatieve werkplaats WALHALLAb gemaakte voorwerpen omvat – waaronder een ‘wolventafel’ van de hand van de 19-jarige Cailim. Verder zijn er originele houten meubels aanwezig van Studio K: meubels die nog een beetje boom zijn.

Het museum is vernoemd naar de familie Staring en ook dit keer heeft die een rol in de expositie. A.C.W. Staring schreef het gedicht Aan mijne dennen, in een de vitrines te lezen. Hij was dichter en landgoedbeheerder (op de Wildenborch) en bracht – vertelde Hassefras – als eerste de Amerikaanse eik naar onze contreien.

De rol van de Starings is dit keer klein, want, aldus museumdirecteur Pien Pon in haar inleiding: ‘Er is zó veel over bomen te zeggen.” Het belangrijkste misschien is dit: “Zonder bomen kunnen we niet leven”. Zoals Almen inmiddels ook niet meer zonder museum STAAL kan. “We bestaan vijf jaar, daar zaten twee coronajaren bij, toch is dit al onze negende expositie.” Iedereen krijgt ruim de tijd de bomenexpo te bezichtigen. Pas over een jaar is de volgende tentoonstelling. Die gaat over de Romantiek. 

De schilderijen en tekeningen van Koekkoek lopen daar alvast op vooruit, evenals de poëzie van A.C.W. Staring. Beiden leefden in het tijdperk van de Romantiek. De dichter schreef de bekende regel: “Wij schuilden onder ‘dropp’lend lover”. Het regende tijdens de opening nogal. De Deventer zangeres Vera Bon, die de opening met haar gitaar luister bij zette, zong: “Omdat ik niet anders kan dan huilen”, lichtvoetiger dan de titel doet vermoeden. “Het lijkt inderdaad of het huilt buiten”, zei Pon. “Maar het is heel goed weer voor de bomen.”

Hassefras refereerde aan de emoties die bomen bij mensen teweegbrengen: “De één vindt ze fantastisch, de ander heeft er overlast van. Dat merken we ook in ons werk.” Zelf is hij zijn leven lang al door bomen gefascineerd. “Van de drieduizend jaar oude sequoia’s in Amerika tot de machtige eiken en essen hier. Bomen zijn groot en maken ons klein. En elke boom, dood of levend, is een ecosysteem op zich.”  Meer daarover vertelt boswachter Peter Muileman in de film die onderdeel uitmaakt van de expo. Over de – van oorsprong Amerikaanse – sassafras gaat het in het nieuwe STAAL-magazine: “Aan het Twentekanaal staat een groepje sassafrasbomen, ooit behorend bij landgoed De Ehze. Ze zijn ongeveer 150 jaar oud en zeventien meter hoog.”

Alle reden om na het museumbezoek nog even te gaan wandelen door de lommerrijke omgeving. Want wat heeft de sassafras met Almen te maken? Veel!


museumstaal.nl