
Herman Roozen toont de tekeningen van Plat veur Potwottels tijdens het streektaalsymposium, gepresenteerd door event organisator Sharon Idink. Foto: Ruud Hamburger
Drie jaren als
Stripmaker des Vaderlands zitten erop voor Herman Roozen
Stripmaker vult boek met ervaringen
Door Liesbeth Spaansen
TOLDIJK/NEDERLAND – Vanaf 1 januari 2021 stond Herman Roozen (Toldijk, 1966) voor meerdere uitdagingen als Stripmaker des Vaderlands. Roozen, bekend van zijn teken- en schrijfwerk zoals de strips Opa en Kukel en Kakel en voor de Donald Duck, duidde in zijn openingsspeech al meteen drie speerpunten. Hoe het hem vergaan is en of zijn doelen zijn bereikt, laat hij weten net voor het overdragen van het stokje aan Jan Vriends, per 1 januari 2024.
Meer strips lezen
Het eerste speerpunt was dat er meer belangstelling moest komen voor strips in het algemeen, en dat er meer strips in de bibliotheek kunnen worden geleend. “Ik wilde daarvoor eerst even wat cijfers verzamelen en van daaruit verder werken, maar dat is niet gelukt”, moet Herman meteen bekennen. “In mijn eigen bieb kreeg ik geen cijfers: ‘Die kunnen we niet zomaar geven.’ Als auteur krijg je wel overzicht van jouw uitgeleende boeken, en het daarbij horende leengeld. Dat gaat via Lira.” Stichting Literaire Rechten Auteurs (Lira) regelt auteursrechten voor schrijvers, vertalers en freelance journalisten. ”Uitgevers krijgen ook cijfers, over hoeveel keer een boek is uitgeleend.”
Herman Roozen onderzocht toen maar het aanbod in zijn eigen bibliotheek in Coevorden. “De strips zijn onderverdeeld in A, B, C en D, maar het overzicht werd er niet helder van. Hoe meer ik me erin ging verdiepen, hoe lastiger het werd. Door het ontbreken van een grote organisatie of beroepsgroep, ben je nooit een factor van betekenis”, vindt Roozen. Een Nederlands stripmuseum is er ook niet (meer). “Alles gaat door de welwillendheid van de mens waaraan ik iets vraag, er zijn veel stripliefhebbers. Ik ben echt op zoek geweest om hoger in de boom relevantie te krijgen, in beleid te worden meegenomen. Iedereen vindt strips leuk maar je krijgt geen vaste plek.” Van 2009 tot 2013 kreeg het stripverhaal de aandacht die het verdiende. Toen werd drie keer de Marten Toonder oeuvreprijs uitgereikt aan een striptekenaar die een bijdrage had geleverd aan de Nederlandse cultuur: Jan Kruis, Peter Pontiac en Joost Swarte. De bijbehorende subsidie werd niet verlengd en de prijs verdween weer. De stripschapprijs wordt nog wel jaarlijks uitgereikt door Het Stripschap, sinds kort hangt daar ook een geldbedrag aan vast. “Het Allard Pierson Museum in Amsterdam doet voorzichtig dingen met strips, er is een Jan Kruis Museum in Orvelte en een Bommel en Tom Poes museum in Assen. Maar het blijft kleinschalig en versnipperd.”
Zoals cultuur en literatuur wordt gerubriceerd, is dat er niet voor stripverhalen. “Je vindt de strips tussen de oude letteren bijvoorbeeld. Of alles bij elkaar in een grote bak.” Strips zijn ook nog eens lastige boeken om onder te brengen. “De formaten zijn afwijkend en de genres staan verdeeld over de bieb. Eigenlijk hebben we ons enorm in de nesten gewerkt met het stripalbumformaat”, lacht hij.
Dag van de Stripmaker
Het tweede speerpunt was het organiseren van een Dag van de Stripmaker. “Dat heb ik twee keer gedaan, en was een groot succes”, zegt Roozen tevreden. “Mijn idee was om elkaar te ontmoeten. Op stripbeurzen ben je te druk met verkopen van boeken en signeren.” Na twijfel over het midden van het land, regelde hij uiteindelijk gewoon in zijn woonplaats Coevorden een evenement op de prachtige locatie: theater Hofpoort @De Fabriek. “Ik kende de mensen, en de bakker die voor de broodjes kon zorgen. Sommigen vonden het eerst veel te ver, maar er kwamen 36 stripmakers van heinde en verre, oud en jong, beginnend en gevorderd. Allemaal enthousiast.” Ook de tweede editie was in Coevorden. “Ik was geen eendagsvlieg. De tweede keer waren er 45 deelnemers.”
Nu is het goede nieuws, dat de nieuwe Stripmaker des Vaderlands Jan Vriends, de volgende Dag van de Stripmaker gaat organiseren. “Dat wordt november, en in Helmond, de woonplaats van Jan. Hij pakt het groter aan omdat hij met gemeentelijke subsidie ook een algemeen dagdeel wil gaan organiseren voor publiek.”
Kleine doelgroepen
Met zijn derde speerpunt wilde hij aandacht geven aan de kleine doelgroepen-striptekenaars. “Ik vond er een paar en een aantal meldde zich aan, in totaal waren het er twaalf. In Stripnieuws hebben zij zich op steeds twee pagina’s voorgesteld, vier keer per jaar één.”
Belevenissen in boekvorm
Roozen is een boek aan het samenstellen, intekenen kan bij de uitgeverij (www.syndikaat.nl). “De werktitel is nu: ‘Belevenissen van de Stripmaker des Vaderlands’. Daar komen de centsprenten in te staan, strips met vier of zes afbeeldingen met rijm, die ik gedurende deze drie jaar heb gemaakt.” Hij wilde deze voorloper van het stripverhaal, naar gebruik in de 17de eeuw, niet alleen op sociale media, maar ook in de krant. Na een interview met het Dagblad van het Noorden mocht hij ze voor die krant maken. “Speciaal voor dit doel maakte ik centsprenten met zes afbeeldingen. In het boek komt er een toelichting bij, want elke prent geeft een tijdsbeeld weer. Ze gaan niet alleen over onderwerpen die sprekend zijn voor het Noorden, ik heb ook een viertal centsprenten gemaakt met muziek als thema, zoals Bohemian Rhapsody.” Nieuwe centsprenten komen er bij uitzondering nog. “Misschien bij een speciale gelegenheid.” Verder komen de doelgroepstrips in het boek te staan, en is er aandacht voor de Dag van de Stripmaker.
Zomaar op zijn pad
Als Stripmaker des Achterhoeks werd Herman Roozen voor leuke opdrachten gevraagd. Omdat hij trots is op zijn taal, het Achterhoeks, wilde hij graag tekenen voor het onderwijsprogramma van het Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers (ECAL), Plat veur Potwottels. Het resultaat mocht hij presenteren op het streektaalsymposium 2023 in Eibergen. “Een onverwachte opdracht, het ontwerpen van een logo en illustreren van boekjes in de Achterhoekse streektaal. Het is belangrijk om deze in stand te houden.” Het was wel even wennen om weer in ’t plat te praten. “Maar het is makkelijk en grappiger. Het ‘Zie maor wat e ermee dut’ is mooier dan: ‘Zie maar wat je ermee doet’.”
Na vijftien jaar te hebben gewacht om in het bestand van De Schrijverscentrale te komen, werd Herman in 2022 benaderd. “Als Stripmaker werd ik uitgenodigd om lessen te geven in bibliotheken door heel Nederland. Van Den Helder tot Venlo, van Leeuwarden tot Arnhem. Ook kwam ik op NT2 scholen, waar Nederlands de tweede taal is, bijvoorbeeld bij een AZC. De docenten zijn altijd op zoek om leerlingen aan het leren te krijgen, dat kan bijvoorbeeld via tekenen of muziek.” Mooi vond Herman Roozen zijn aandeel in het jubileumboek van basisschool De Rank in Toldijk, die het 150-jarig jubileum vierde. Vier pagina’s vormde het stripverhaal over zijn eerste klas, speciaal voor het boek getekend.
Vijftig jaar Opa
Het 50-jarig jubileum van de strip Opa is gevierd met een stripboek. "En ik kreeg een interview in het blad Boerderij, waar Opa wekelijks instaat.” Hij kwam er toen ook achter dat veel oude strips, tot 2004 werd Opa gemaakt door Henk Groeneveld, waren weggedaan. "Gelukkig wordt nu alles in de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag bewaard. Iemand in Ommen had verhuisdozen vol met het blad Boerderij. Ik heb ze opgehaald en alle Opa's zijn nu gescand en uit de vergetelheid gerukt!”
Tips voor opvolger Jan Vriends?
“Ik heb hem gezegd: ‘Doe wat jezelf leuk vindt, dat is wel het beste!’ Hij is capabel genoeg om dat zelf uit te zoeken.” Roozen is niet bang in een gat te vallen, na deze drie jaar. “Als er een vaste plek op de beleidsagenda bij een grote organisatie gaat komen, zal dat mooi zijn. Dat ga ik in de gaten houden. Wij zijn tenslotte niet minder dan andere kunsten. Strips zijn misschien wel het laatste redmiddel om jeugd te laten lezen, alleen niet als opstapje naar echte boeken, zo werkt het niet. Maar de Donald Duck is het meest gelezen in veel klassen!”, weet hij. “Ik blijf werken aan mijn wekelijkse strips in bladen en ik ga twee boeken maken: ‘verhalen uit de zuipkeet’ en een fictieve familiegeschiedenis rondom Arnold Joost van Keppel, vertrouweling van stadhouder Koning Willem III.”
Twintig jaar stripmaker
Voor zijn 20-jarig jubileum als stripmaker stelde Herman Roozen een Top 20 samen van fijne feitjes. "En ik heb de website opgekalefaterd.” Zijn slogan: ‘Strip, het meest veelzijdige stukje lees. Strip!' is gebleven.
hermanroozen.nl

