
Hengelose debutanten vinken Varsselring met verve af: ‘Wát een weekend!’
SportBart Roenhorst en Tom Kreunen haalden zaterdag en zondag in al hun races de finish
Door Luuk Stam
HENGELO – Met z’n drieën komen ze richting de Hamove-molen gereden, Bart Roenhorst (37), Tom Kreunen (36) en Wesley Ankersmid (36). Een prachtbeeld is het, zondagmiddag na de afsluitende race in het IRRC supersport. De rest van het deelnemersveld is al lang en breed terug in het rennerskwartier, maar de drie Hengelose vrienden pakken hun moment. Ze stoppen in elke bocht van de Varsselring, zwaaien naar juichende dorpsgenoten en andere bekenden langs de kant van de baan. Bij het verlaten van het circuit staan vriendinnen en teambegeleiders hen op te wachten, nog één keer roken de banden voor het thuispubliek.
Het is het slotstuk van een onvergetelijk weekend, in het bijzonder voor de twee debutanten. Allebei weten ze alle races in de supersportcategorie - twee keer Benelux Trophy en twee keer IRRC - tot een goed einde te brengen. In de laatste uitloopronde gaat er onder de helmen van alles rond. “Ik dacht: potverdikke, dit hebben we samen toch mooi gedaan”, vertelt Roenhorst even later. “En allebei heel gebleven, dat was het doel.” Ook bij Kreunen kwam alles nog eens voorbij: “Ik was euforisch, wát een weekend! En het liefst rijd je nog zo’n rondje, maar die man van de KNMV stond al te zwaaien dat we op moesten schieten.”
Middenveld
In de laatste van de vier races wegen alle inspanningen door, Roenhorst eindigt als 19e, Kreunen 25ste. Hoewel de uitslagen voor de Hengeloërs bijzaak zijn, valt op dat met name Roenhorst zich zeer sterk staande weet te houden in het middenveld, hij eindigt zelfs een race als 14e. Al zal ook bij hem de ervaring an sich bijblijven. “Ik vind het complete evenement geweldig, het gebeuren op het rennerskwartier, alles eromheen. De sfeer, de gezelligheid, het is hartstikke mooi om daar een keer op deze manier deel van uit te kunnen maken.”
Een tweede keer zal er dus niet komen? Ook niet nu ze hiervan hebben geproefd? “Nee, het blijft écht bij één keer”, antwoordt Kreunen. “We wilden dit één keer doen, het was geweldig. En ook een tweede keer zal het vast leuk zijn, maar het is goed zo, voor ons is het doel bereikt.” Roenhorst knikt instemmend: “Zo’n band oproken, dat wil ik nog wel een keer vaker doen, maar die race hier rijden, dat was eenmalig. Deze kunnen we afvinken. Ik heb ooit de cross op het Hengelse zand gereden, nu de wegrace hier. Beter wordt het niet, toch?”
Punten
Wesley Ankersmid had vooraf gehoopt dat zijn weekend iets beter uit zou pakken, al is het zeker niet alleen maar kommer en kwel. Met een 12de en een 11de plek in het IRRC supersport pakt de Hengelose coureur van het team Performance Racing Achterhoek de nodige punten voor het kampioenschap. Toch is de derde deelname in zijn thuisdorp over het geheel een flinke rollercoaster, waarbij motorproblemen de eerste kwalificaties op zaterdag in de war schoppen. Op zondag gaat Ankersmid onderuit in de supersportrace van de Benelux Trophy.
Toch weet hij de moed bij elkaar te rapen om de afsluitende IRRC-race zondagmiddag nog te rijden. “De focus was wel wat weg, maar het idee was: als je ’m uitrijdt, zit je al goed in de punten”, aldus de Hengeloër, die in zijn uitslagen deze zondag de bevestiging ziet dat hij een stap heeft gemaakt. Over progressie gesproken: in de afsluitende kwalificatie op zaterdag rijdt Ankersmid een nieuw persoonlijk record op de Varsselring, twee seconden sneller dan dat hij ooit was. “Ook dat is heel positief, dat geeft vertrouwen.”
Two-stroke
Ietwat in de schaduw van zijn dorpsgenoten is er dit weekend nóg een Hengelose deelnemer. Jordy Eggink (23) maakt zijn opwachting in de two-stroke-klasse, op een 125cc-motor. Daarmee deed hij vorig jaar voor het eerst mee op de Varsselring. “Ik kom hier al van kinds af aan, het was een jongensdroom om ooit zelf mee te kunnen rijden”, aldus Eggink, die normaalgesproken actief is in het Europees kampioenschap 50cc. “Daarvoor gaan we heel Europa door. Daardoor kwam het er tot vorig jaar nooit van om hier mee te doen.”
Eggink vertelt zijn verhaal met de handen zwart van het vet, want hij is zowel coureur als monteur. “Dat sleutelen, zorgen dat het rijdt, dat vind ik mooi”, zegt de twintiger, die zondagmiddag zijn weekend met een voldaan gevoel afsluit. Na de race waarbij finishen het doel was - dat gebeurt met plek 14 - stapt hij met een lach van de motor, tijd voor een biertje. Zo ook in de tent van het PRA-team, zo ook bij Roenhorst en Kreunen. Alles wijst erop dat het feestje vol oranje shirts hier nog even doorgaat. “Daar ga maar vanuit!”



