Dubbel op slot

Een goede bekende die in de grote stad woont, is er heel duidelijk over. Je fiets niet dubbel op slot zetten, daar kom je in de grote stad anno 2025 gewoon niet meer mee weg. Met andere woorden: dan ben je ’m binnen de kortste keren kwijt. In de grote stad is alleen het reguliere fietsslot met de oude vertrouwde sleutel niet meer genoeg, al helemaal niet als het gaat om een luxe (elektrische) fiets. Er moet in de grote stad – wil je de tweewieler enigszins met een gerust hart achter kunnen laten – een extra kettingslot omheen, als het even kan vastgelegd aan een object. 

Toch enige twijfel nadat ik vanaf het vakantiepark aan de Zuid-Hollandse kust naar de dichtstbijzijnde supermarkt ben gefietst: kan het hier nog of is dit al de grote stad? Het is stedelijk gebied, dat moge duidelijk zijn. Overal is het een drukte van belang, maar is het hier al Den Haag? ‘Officieel wel, maar dit is eerder een soort dorp’, zegt de vriendelijke mevrouw bij de bakker, die heel wat vaste klanten trekt. Twee dames hoeven alleen maar op het terras te gaan zitten of de koffiemachine loopt al. Beide een gevulde koek erbij, vast recept op de dinsdagmiddag. Dit voelt vertrouwd.

Ik vind het mooi om te zien, al is het waken voor al te veel touwtje-uit-de-brievenbus-sentiment. Bij de sportschool waar ik me voor deze weken heb aangemeld toch maar even navragen: kun je de fiets hier zo neerzetten, zonder kettingslot? ‘Dat zou ik niet doen!’, zegt een medewerkster direct stellig. Daarna de blik richting de trainer naast haar: ‘Weet je nog die collega? Net een nieuwe. Gelijk gejat!’ Ook hij raadt het ten zeerste af. Bij een vriend van hem was het verhaal precies hetzelfde, weg fiets. ‘Goh, wat baalde hij!’

Zoiets zou ik uiteraard graag voorkomen. Het punt is: ik heb nog geen kettingslot. Ja, een heel kleintje, voor de wielrenfiets. Ook al eens om uitgelachen. ‘Denk je echt dat dit gaat helpen?’, merkte een passant op, terwijl ik mijn snelle tweewieler stond vast te leggen voor een pauzestop bij een lunchroom. Begrijpelijke reactie, zo'n ding knip je nog door met een nagelschaartje, maar hoe neem je een grote ketting mee in een wielershirt? Zo’n slotje is tenminste iets. En dus leg ik ook nu mijn stalen ros – de Gazelle waarmee ik ooit nog naar de middelbare school fietste – hiermee ‘vast’. 

Mijn fiets blijft staan, ook in de stalling op het station van Den Haag, waar zelfs een bord hangt met het advies om je fiets dubbel op slot te zetten. Op de één na laatste dag van mijn vakantie sta ik eindelijk in de fietsenzaak waar ik al door menigeen op gewezen ben. Ik kom voor iets anders, maar sta toch ook even te kijken bij de kettingsloten. De winkelier bevestigt alle verhalen: ‘Ze jatten hier de veters nog uit je schoenen!' Het is helder. Voor de volgende keer moet ik zo'n slot hebben, maar ik ga morgen naar huis, terug naar de Achterhoek. ‘Bij jullie is dat nog niet nodig', zegt de man. Ik hoop dat hij nog een hele tijd gelijk heeft.