
Politiebureau te Winterswijk. Foto: Mark Ebbers
Ondermijning? In de Achterhoek? Ja, in de Achterhoek
REGIO - De afgelopen periode is er onderzoek gedaan naar ondermijning in de Achterhoek, het rapport werd afgelopen week gepresenteerd in het raadhuis te Lichtenvoorde. De acht Achterhoekse gemeenten werken nu vijf jaar aan een gezamenlijke aanpak, naast een gemeentelijke aanpak. Bestuurlijk trekker van de ‘Aanpak Ondermijning’ is burgemeester Annette Bronsvoort van Oost Gelre: “Dit onderzoek brengt in kaart wat de stand van zaken is in de acht Achterhoekse gemeenten: Berkelland, Oost Gelre, Winterswijk, Aalten, Bronckhorst, Oude IJsselstreek, Doetinchem en Montferland. Zo krijgen we inzicht in wat de effecten zijn van ons bestuurlijke beleid. Ook schetst het onderzoek een beeld van de kansen die criminelen in onze regio zien. De onderzoeker Edward van der Torre geeft ons aanbevelingen voor het verbeteren van onze aanpak.” Het onderzoek van Van der Torre – die ook veel voor de politie heeft gewerkt - heeft zowel een criminologische als een bestuurskundige invalshoek en is getiteld Ondermijning in de Achterhoek - een analyse in acht gemeenten. De gemeenten acteren al jaren op ondermijning en willen op basis van de aanbevelingen in het onderzoek een verdiepingsslag maken. Simpel: er moet geld en menskracht bij.
Door Mark Ebbers
De Achterhoek is natuurlijk gewoon Nederland, zegt Van der Torre. "Het staat weliswaar bekend als een relatief veilig en rustig gebied, en dat is in bepaalde opzichten ook wel zo, maar toch, ook hier. Daarbij heeft het naoberschap twee kanten: hou elkaar in de gaten, maar ook: sssst... Terwijl bijvoorbeeld ook hier jongeren worden geronseld voor drugs, geen enorme aantallen, maar toch. En met name bij drugs is het zo: vaak zijn het de niet-plegers van criminaliteit die er het meest last van hebben. En dat kan best snel gaan, er zijn maar een paar mensen nodig om een hele flat in problemen te brengen bijvoorbeeld."
Achterhoek in trek
Ondermijning gaat over de schadelijke effecten van de georganiseerde criminaliteit op de samenleving. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om drugshandel, drugsproductie, zorgfraude, investeringen van crimineel geld in vastgoed, en criminele praktijken op vakantieparken. In de Achterhoek onderscheidt het onderzoek vier kansen waardoor het gebied in trek is bij criminelen: een uitgestrekt buitengebied, grote steden rondom de Achterhoek (met name Enschede en Arnhem), invloeden van drugsmarkten en de grensligging vlak bij Duitsland. Zo zijn criminelen bijvoorbeeld geïnteresseerd in leegstaand agrarisch vastgoed in het buitengebied voor de productie van drugs en is het relatief eenvoudig met gestolen zitmaaiers naar het buitenland te vertrekken. Een punt is ook nog de voor de Achterhoek ongunstige verdeling van politiecapaciteit, zelfs binnen Oost-Nederland.
Verminderen ondermijning
De afgelopen jaren is door de acht betreffende Achterhoekse gemeenten een plan van aanpak opgesteld om met het tegengaan van ondermijning aan de slag te gaan. De gemeenten hebben ten eerste met allerlei voorlichtingsactiviteiten in hun eigen organisaties en in de samenleving ondermijning onder de aandacht gebracht. Ten tweede hebben ze nu hetzelfde beleid voor de aanpak van drugscriminaliteit en mensenhandel. Bovendien voorkomen ze op dezelfde manier via het Bibob-beleid (Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur) misbruik van vergunningen, subsidies en aanbestedingen. Dit beleid is bedoeld om te voorkomen dat de overheid ongewild criminele activiteiten faciliteert. Tenslotte hebben de gemeenten geïnvesteerd in het verbeteren van het signaleren van ondermijning en daaraan opvolging geven door middel van toezicht en handhaving.
Verbeteringen aanpak
Tegenwoordig is ondermijning in alle gemeenten een veiligheidsprioriteit. Wel constateert Van de Torre dat er nog verbeteringen mogelijk zijn. Hij roept op om het aantal medewerkers bij de gemeenten die zich bezighouden met veiligheid en ondermijning te vergroten. Het vergroten van de BOA- en toezichtcapaciteit benoemt hij daarbij specifiek. "Van twee naar vier handhavers is al een hele sprong.” Die capaciteit blijft vooralsnog achter bij andere plattelandsregio's in Nederland. Hij geeft ook aan dat het verstandig is een visie op de aanpak van drugscriminaliteit op te zetten, sneller signalen van ondermijning op te pakken en aandacht te blijven houden voor zorgfraude. Tot slot roept hij op het huidige regionale plan te vernieuwen, zodat ook duidelijk is wat de ambities zijn voor de komende jaren.
Basisteams
Burgemeester Annette Bronsvoort: "Alle acht Achterhoekse gemeenten werken aan het verminderen van ondermijning. Dat blijven we doen, ook gezamenlijk, al gaan de gemeenten zelf over hoe ze aanbevelingen in de praktijk brengen en financieren. Maar ondermijning stopt niet bij gemeentegrenzen. We moeten onze oren en ogen openhouden en verdachte situaties blijven melden. Dat kan bij de gemeenten, politie of Meld Misdaad Anoniem.” De acht gemeenten zijn verdeeld over twee politiebasisteams, op het niveau van die basisteams vindt ook het driehoeksoverleg plaats, tussen de burgemeester(s), justitie en politie. Achterhoek-Oost behelst de gemeenten Winterswijk, Aalten, Oost Gelre en Berkelland. Basisteam Achterhoek-West omvat de gemeenten Oude IJsselstreek, Doetinchem, Bronckhorst en Montferland. Zowel Bronsvoort als Van der Torre beschouwen dit als een goed werkbaar schaalniveau. De eerste kijkt afsluitend nog wel naar de Rijksoverheid: "Nederlandse gemeenten hebben op allerlei gebied steeds meer taken hebben gekregen, maar niet de bijbehorende middelen. Daarnaast moet de financiering vanuit Den Haag veel meer van incidenteel naar structureel."
Afsluitend: de acht Achterhoekse gemeenten zijn al een eind op weg, dat zegt ook de onderzoeker: "Een aantal jaren geleden zou dat heel anders zijn geweest. De veiligheidsambtenaren die is sprak voor mijn onderzoek hadden allemaal al wel degelijk een verhaal.”