
Laatste vakantieweek
OpinieOp de kar achter onze skelter hadden we als buurjongens een giertank gebouwd, een blauwe. Er ging geen gier in, maar water. We gebruikten het ding om de stoeptegels op het ‘rondje om de school’ te besprenkelen, het stratenblok waaraan onze huizen lagen. Zo’n 500 meter was de ronde. We gingen eerst rechtsom, tot de helft. Dan terug naar de basis – de schuur thuis bij één van onze buurjongens – om de tank opnieuw te vullen. En vervolgens de ronde linksom.
Dat moest allemaal snel gebeuren, want het doel was om de stoep over de gehele ronde nat te krijgen. Een welhaast militaire, bijna onmogelijke operatie. Het verdampingsproces deed immers hard zijn werk, helemaal als de temperaturen nog zomers waren. Want dit alles speelde zich doorgaans af in de laatste week van de zomervakantie. De jaarlijkse vakantie naar Zeeland was al lang en breed achter de rug, de dagjes uit waren op. In deze laatste week voordat school begon was het zaak om jezelf te vermaken, inventief te zijn.
Hoe onze tank precies tot stand kwam, zou ik niet meer kunnen vertellen. Zeker is dat ik er met mijn twee linkerhanden geen grote rol in heb gespeeld. Wellicht hielp er een vader, in ruil voor het wassen van een auto. Hoe dan ook: uren waren we ermee zoet. De tablet bestond nog niet, met de Game Boy was je snel klaar. Wij speelden buiten. Was het niet ‘sproeien’, dan wel hutten bouwen, voetballen of trampolinespringen. Het was heerlijke rust voor je brein.
Daar dacht je destijds uiteraard nooit op die manier bij na, maar ik moest eraan denken toen ik deze week las dat de Camino onder jongeren steeds populairder wordt, wandelen naar Santiago de Compostella. Let wel: bij deze ‘jongeren’ hebben we het over de twintigers, dertigers en veertigers. Over de generaties die nog net de tijd zonder veel van de moderne technieken hebben meegemaakt, zonder internet, zonder mobiele telefoon, zonder computer. Daarna is het alleen maar sneller en sneller en sneller gegaan.
Een geïnterviewde wandelaarster vertelde dat ze de gehele pelgrimstocht zonder moderne telefoon aflegde. Dus ook zonder oortjes. Zij vond het heerlijk, alleen met je eigen gedachten, de geluiden van de natuur. Wat ik vaak hoor van leeftijdsgenoten: ‘Zonder muziek of podcast vind ik het hartstikke saai.’ Vond ik ook, maar mij lukt het niet meer. Met oortjes in raak ik overprikkeld, krijg ik hoofdpijn.
Min of meer noodgedwongen ben ik zonder gaan lopen, nu wil ik niet meer anders. De vogels, het geruis van de wind, vaak juist de stilte, het is deel van het één zijn met de omgeving. Inmiddels ben ik overtuigd: daar zit de echte winst. Na zo’n wandeling kom je terug met iets van overzicht, iets van controle. Met het gevoel dat je in alle chaos zoveel orde hebt gecreëerd dat je de wereld weer aankunt. Precies zo voelde een ronde vol met water besprenkelde stoeptegels.










